|
APENSTAARTJE Het @ teken. In het nederlands uitgesproken als 'apenstaartje' en in het engels als 'at'. ASCII ASCII is de afkorting van "American Standardized Code for Information Interchange". Het is een formaat voor het opslaan van "platte" tekst, d.w.z. tekst zonder speciale opmaak (dus bijvoorbeeld geen Word documenten). Platte tekst bestaat enkel uit letters, cijfers en leestekens. BACKBONE Een backbone is een ruggegraat van het Internet. Een centrale glasvezelverbinding over grote afstand, waarover servers hun data versturen voor een snellere distributie. BANDBREEDTE De bandbreedte is de hoeveelheid informatie die per tijdseenheid door bijvoorbeeld een kabel of glasvezelkabel kan worden getransporteerd. De bandbreedte van een glasvezelkabel is hoger dan die van een coax-kabel die op zijn beurt weer een grotere bandbreedte heeft dan de telefoonkabel. BANNER Een banner is een opvallend vlak binnen een website pagina met hierop afwijkende informatie (reclame). Een banner kan een link leggen naar bijvoorbeeld de homepage van de organisatie die de reclame heeft geplaatst. BPS (Bits Per Second) Deze afkorting staat voor 'bits per second'. Dit is een maat voor de hoeveelheid informatie (in de vorm van bits) die per seconde verstuurd wordt. Bij analoge modems kan een maximale snelheid van 56.600 bps (56K6) en bij ISDN verbindingen van 64.000 bps (64K) of 128.000 bps (128K) worden bereikt. BYTE Een byte bestaat uit 8 bits. Dit is de eenheid waarmee o.a. de grootte van een document, programma, website of de ruimte op de harde schijf wordt aangegeven. BROWSER Een browser is een softwareprogramma waarmee het mogelijk is om pagina's op het Word Wide Web te bekijken. De browser vertaalt de HTML documenten en geeft deze weer. Niet alle browsers vertalen de HTML documenten op dezelfde wijze. Bij het ontwerpen van websites dient hier dus rekening mee te worden gehouden. De twee bekendste en meest gebruikte browsers zijn Microsoft Internet Explorer en Netscape Navigator. De huidige versies van de browser zijn multifunctioneel. Ze worden niet alleen gebruikt voor het bekijken van HTML documenten. Zo is het o.a. mogelijk om met een browser E-mail te versturen of een FTP server te benaderen. Voorheen moesten hiervoor aparte Email en FTP programma's worden gebruikt. CGI (Common Gateway Interface) Een CGI programma is een programma dat wordt gebruikt op web-servers om informatie van de Client te verwerken. Een CGI programma kan zelf informatie verwerken maar ook een brug vormen tussen de input van de client en een ander programma dat op de server draait. CLIENT / SERVER COMMUNICATIE Een manier van communiceren tussen twee programma's over een netwerk. Computers aangesloten op het Internet communiceren op deze manier. Een programma aan de ene kant (de client) stuurt een verzoek naar het programma aan de andere kant (de server). De server interpreteert dit verzoek en onderneemt actie, bijvoorbeeld door het sturen van een HTML document over het netwerk. Elke manier van informatieoverdracht via het Internet vindt plaats op deze manier. CYBERSPACE Een andere, populaire, benaming voor het Internet, ook wel eens Digitale Snelweg genoemd. DNS (Domain Name Server) De DNS server vertaalt de door u opgeroepen pagina, bijvoorbeeld http://www.uwbedrijf.nl/, naar het corresponderende IP-adres. Wanneer iemand uw pagina opvraagt, wordt door de Browser een verzoek naar de DNS gestuurd om deze te vertalen. De DNS server stuurt dit IP nummer naar de browser die op zijn beurt weer m.b.v. dit nummer het opgeroepen bestand ophaalt. DOMAIN SUFFIX De domain suffix is het laaste deel, na de allerlaatse . (punt), van de Domeinnaam. In de meeste gevallen is dit de afkorting van het land waar het domein is geregistreerd, bijvoorbeeld: .nl (Nederland), .de (Duitsland), .uk (Engeland) etc. Naast de afkoringen van landen treft u ook de volgende drie afkortingen aan, die veelal in Amerika worden gebruikt: .com (company), .edu (onderwijsinstelling), .org (non-profit organisatie). Deze laatste drie domeinen kunnen ook voor nederlands bedrijven en organisaties worden geregistreerd. Voor uw bedrijf kunt u dus zowel de domeinnaam uwbedrijf.nl als uwbedrijf.com registreren. DOMAIN (DOMEIN) Een domein is een naam voor een groep computers die zijn aangesloten op het Internet. DOWNLOADEN Het opvragen en ophalen van een bepaald bestand van een Server. E-MAIL E-mail is de afkoring voor Electronic Mail, het uitwisselen van electronische berichten. Dit is de bekendste Internet dienst waarvan door de meeste internetgebruikers gebruik wordt gemaakt. Met e-mail kunnen simpele tekstbestanden middels SMTP naar een ontvanger worden gestuurd. FAQ (Frequently Asked Questions) De term FAQ (meest gestelde vragen) komt u vrij vaak tegen op het Internet. In het algemeen worden op deze pagina's antwoorden gegeven op de meest gestelde vragen over een bepaald onderwerp. De bezoekers van uw website kunnen hier de antwoorden vinden die zij u misschien ook willen stellen. Met een FAQ pagina kunt u voorkomen dat u regelmatig dezelfde antwoorden naar meerder klanten moet sturen. FTP (File Transfer Protocol) Het FTP protocol wordt op het Internet gebruikt om bestanden tussen computers uit te wisselen. Het kopieren van bestanden naar uw eigen computer vanaf een andere computer heet Downloaden. Andersom wordt het kopieren van een bestand vanaf uw eigen computer naar een andere computer uploaden genoemd. HOMEPAGE De homepage is de eerste pagina van een website waarop iemand belandt bij het oproepen van een website. Deze pagina heet vaak index.htm of home.htm. Vanaf deze pagina kan de bezoeker verder Surfen naar de overige pagina's van de Website. Soms wordt met de term homepage ook de complete site of website bedoeld. HTML (HyperText Markup Language) HTML is de opmaaktaal waaruit pagina's op het World Wide Web zijn opgebouwd. Deze taal bestaat uit een verzameling zogenaamde tags die in een tekst worden geplaatst. De Browser leest een dergelijk bestand in en gebruikt de tags om onder meer de layout van de tekst op de pagina te bepalen. HTML is aan grote veranderingen onderhevig en er worden steeds uitbreidingen toegevoegd. Zowel Microsoft als Netscape komen regelmatig uit met nieuwe versies van hun Browsers waardoor weer nieuwe mogelijkheden worden ondersteund. HTTP (Hyper Text Transfer Protocol) Het HTTP protocol wordt gebruikt voor het transport van HTML documenten van een Server naar een Client. HYPERLINK Woorden of afbeeldingen die in een HTML document naar andere documenten, maar ook naar plaatsen in hetzelfde document kunnen verwijzen. Wanneer u met uw muis over een hyperlink beweegt veradert de pijl in een handje. Door nu op deze hyperlink te klikken wordt het HTML document, of een ander bestand, opgeroepen. iDEAL Nederlands betalingssysteem voor het Internet. INTERNET Een wereldwijd netwerk bestaande uit verschillende netwerken en computers die met elkaar zijn verbonden via telefoonlijnen, TV kabels, glasvezel, etc. Informatie die over het internet reist, gaat van netwerk naar netwerk. Bijvoorbeeld: de Client (de Browser in dit geval) vraagt een pagina op. De aanvraag komt via alle tussenliggende netwerken bij de server. Deze stuurt de pagina via de tussenliggende netwerken terug. Het grote voordeel van deze infrastructuur is de geografische onafhankelijkheid. Door elke kleine bijdrage komt de informatie uiteindelijk bij de juiste plaats aan. Wanneer bepaalde netwerken niet bereikbaar zijn dan neemt de informatie automatisch een andere weg totdat het de plaats van bestemming bereikt. INTRANET Het intranet is een netwerk gebaseerd op dezelfde technologie als het internet. In feite kan men zeggen dat dit netwerk een klein internet op zich is. Indien dit netwerk weer gekoppeld wordt aan het internet wordt dit intranet een onderdeel van het Internet. IP (Internet Protocol) Het IP protocol is het Protocol waarmee de computers over het Internet met elkaar communiceren. IP-ADRES Elke computer die aangesloten wordt op het Internet, waarop het Internet Protocol wordt gebruikt, heeft of krijgt een uniek identificatie nummer, het zgn IP-adres. In het DNS wordt verwezen naar dit IP-adres. Een IP-adres kan vergeleken worden met een telefoonnummer, hiermee kan dus met elke computer contact worden gelegd voor het opvragen en ontvangen van data. ISDN (Integrated Services Digital Network) ISDN is een digitaal (telefoon) netwerk met een grotere bandbreedte dan de analoge telefoonlijnen. Een ISDN verbinding heeft 2 digitale lijnen zodat u één lijn vrij heeft terwijl u aan het Surfen bent. U kunt ook beide lijnen gelijktijdig gebruiken, waardoor een verbinding van 128.000 bps (128K) kan worden bereikt. JAVA APPLET Klein programma geschreven in de programmeertaal Java, ontwikkelt door Sun Microsystems, dat door een Browser samen met een HTML document van een server wordt opgehaald. Vervolgens wordt de applet automatisch uitgevoerd op uw computer, de zgn. client computer. De kracht van Java is dat allerlei toepassingen kunnen worden uitgevoerd zonder dat hierbij transport over netwerken hoeft plaats te vinden. MICROSOFT INTERNET EXPLORER De Browser van Microsoft, de Internet Explorer, is een van de meest gebruikte browsers. MIME (Multipurpose Internet Mail Extension) Dankzij MIME, wat een uitbreiding is van SMTP , is het mogelijk om bij het versturen van een E-mail bericht bestanden toe te voegen in de vorm van een bijlage of attachment. U kunt dus bij uw e-mail bericht tekeningen en/of andere bestanden bijvoegen. MODEM (MOdulator en DEModulator) Een modem is een apparaat dat tussen een computer en een telefoonlijn geplaatst wordt. Het zet de digitale signalen waar een PC mee werkt, om in analoge signalen zodat ze over de telefoonlijnen verzonden kunnen worden. Bij de computer aan de andere kant van de lijn gebeurt het omgekeerde. MOSAIC Dit is de eerste Browser die op het Internet gebruikt werd. Zowel Microsoft Internet Explorer als Netscape Navigator zijn vanuit deze browser verder ontwikkelt. MULTIMEDIA Combinatie van teksten, beelden en geluiden. Een multimediale website maakt hiervan gebruik met bijvoorbeeld flash. ONLINE Ben jij al online? Een veel gehoorde kreet! Op het moment dat uw computer een verbinding heeft met het Internet bent u online. Er zijn twee soorten verbindingen mogelijk: een verbinding door in te bellen bij een provider m.b.v. het PPP protocol of een permanente verbinding met het internet. In het eerste geval krijgt u iedere keer dat u inbelt een dynamisch IP-adres toegewezen terwijl u bij een permanente verbinding een vast IP-adres heeft. POP (Post Office Protocol) Met behulp van dit Protocol is het mogelijk om via een telefoonlijn Email op te halen op de computer van een provider. Op de computer bevindt zich een mailbox die door een e-mail programma volgens het POP protocol kan worden leeggehaald. PPP (Point-to-Point Protocol) Met behulp van dit Protocol is het mogelijk om twee computers aan elkaar te koppelen, zoals met de computer van uw Provider. PPP wordt gebruikt om m.b.v. een seriële verbinding (zoals de telefoon- of ISDN-lijn) een verbinding met het Internet op te bouwen. PROTOCOL Als computer met elkaar communiceren dienen ze dezelfde taal te spreken; ze dienen volgens een afgesproken (gestandaardiseerd) protocol met elkaar te communiceren. PROVIDER Sinds het ontstaan van het Internet zijn er verschillende organisaties / bedrijven ontstaan die hun internet diensten aan u aanbieden: - Access provider : Een organisatie die toegang tot het Internet aanbiedt. Deze organisatie heeft een computer die met het internet is verbonden en biedt u de mogelijkheid op deze computer middels een PPP verbinding in te bellen. - Content provider : AtSite - Internet Solutions & Productions is een content provider, wij zorgen ervoor dat uw website van informatie wordt voorzien en dat deze up-to-date wordt gehouden. - Service provider : Een service provider is een dienstverlener die zich in het algemeen bezig houdt met het verlenen van internet diensten. Hij kan zowel een Access- als Content Provider zijn. SEARCH ENGINE Wanneer u een Website laat ontwerpen en deze op het Internet plaatst, wilt u dat potentiele bezoekers u ook vinden. Hiervoor wordt uw homepage, uw URL, bij een search-engine (zoekmachine) geregistreerd. Deze search-engine brengt vervolgens een bezoek aan uw website en bekijkt welke woorden het meest voorkomen op uw site. Deze gegevens worden opgeslagen in een database. Indien iemand bij een search-engine naar een specifiek woord zoekt worden uit deze database de pagina's weergegeven waarop dit woord is aangetroffen. Wij verzorgen voor u de aanmelding bij de meest gebruikte zoekmachines. SERVER Een server is een netwerkcomputer. De centrale computer waarop een groot aantal andere pc's is aangesloten. SET (Secure Electronic Transaction) Dit protocol maakt het betalingsverkeer (met o.a. creditcards) over het internet veiliger. SHAREWARE Software die vrij kopieerbaar is en die men eerst op proef mag gebruiken. Na de proefperiode dient u zich te registreren om gebruik te mogen blijven maken van de software. Veel shareware is te downloaden vanaf het Internet. SITE Een site of website is een verzameling van pagina's en HTML-documenten op het Internet. De eerste pagina wordt de Homepage genoemd. SMTP (Simple Mail Transfer Protocol) Het SMTP protocol wordt gebruikt voor het versturen van ASCII tekst m.b.v. een E-mail. Zie ook MIME. SURFEN Het oproepen van pagina's met een Browser. Via een hyperlink op een pagina worden andere pagina's opgeroepen. Zo surft u van Site naar site. TCP (Transmission Control Protocol) Het TCP protocol wordt gebruikt voor het versturen van informatie over het Internet. Dit Protocol zorgt ervoor dat de pakketjes met informatie op de juiste plaats terechtkomen. TCP werkt hierbij samen met het Internet Protocol. TCP/IP Dit is een verzameling van protocollen die op het Internet worden gebruikt, zoals o.a. FTP, SMTP. URL (Uniform Resource Locator) Met behulp van een URL wordt de exacte plaats van een document of bestand op het Internet aangegeven. Allereerst wordt het Protocol gespecificeerd (http, ftp of news), daarna de computer waarop het bestand staat (domeinnaam). Als laatste wordt dan het bestand zelf aangegeven met eventuele onderverdeling in sub-directories. Bijvoorbeeld: http://www.atsite.nl/index.php; hierbij geeft http het gebruikte protocol aan, atsite.nl is de gespecificeerde domeinnaam en index.php het opgeroepen document op de server. Webmaster De verantwoordelijke persoon voor het bijhouden en onderhouden van een website. Website Zie site. World Wide Web Het Internet heeft zijn grote populariteit voor het grootste deel te danken aan het World Wide Web (WWW). Hier kan de informatie grafisch worden weergegeven. Het grote voordeel van het World Wide Web is het multimediale karakter, grafische bestanden kunnen worden weergegeven en geluids- en videobestanden kunnen worden afgespeeld.
|